Luik: wandelen over de heuvels en langs de spookmetro

mrt 21, 2021 | Belgium, Travel to

Luik (foto: Jochem Oomen)

Wist je dat er midden in Luik een bos ligt? Dat je er vakwerkhuizen in de steegjes in de volkswijken vindt? En dat er zelfs een ongebruikte metro-ingang aan de Maasoever ligt? Dan is de het tijd om kennis te maken met de minder bekende kanten van deze hippe stad aan de voet van de Ardennen. Ga mee op wandeling over de heuvels en door de volkse buurten van het centrum.

De tijd dat Luik of Liège enkel synoniem stond aan tunnels en files op weg naar het zuiden is al lang verleden tijd. Deze stad schopte de voorbije twintig jaar het rauwe imago van zich af en werd een hippe bestemming voor een weekendje weg. Het werd zelfs zo hip dat de bewoners aan de bekende trap Montagne de Bueren klaagden over luidruchtige groepen toeristen. Wie had dat ooit durven dromen in de vorige eeuw?

Net als Charleroi speelde Luik een sleutelrol in de ontwikkeling van België in de 19e eeuw met een heuse industriële revolutie. Vanaf de jaren ’60 in de vorige eeuw sloten de mijnen en de zware industrie. Het gevolg was veel werkloosheid. Ook kwam de stad niet vaak positief in het nieuws vanwege corruptie en misdaad. Gelukkig heeft de Vurige Stede of Cité Ardente, zoals Luik ook genoemd wordt, dit trieste hoofdstuk af kunnen sluiten. Ondertussen werd snelweg E25 omgeleid via een nieuwe tuibrug over de Maas, het station Luik-Guillemins werd met het ontwerp van architect Santiago Calatrava een iconisch landmark en de binnenstad werd grotendeels volledig opgeknapt. De massa’s toeristen volgden niet veel later.

Luik (Foto: Jochem Oomen)

Woord vooraf: de off the beaten track wandeling die hieronder beschreven staat begint aan de Place Saint-Lambert en eindigt hier weer. Niet alle paden staan op Google Maps. Zo heb ik de route door het bos moeten vinden via de app Maps.me. De wandelingen over de helling heten ook wel Balades des Côteaux.

Luik (foto: Jochem Oomen)
Luik (foto: Jochem Oomen)

Solidariteit met Nicaragua

Je zou welhaast bijna vergeten dat deze stad ook nog onbekende kanten heeft. Toch hoef je niet ver te zoeken: als je per trein in het centrum arriveert aan station Luik-Sint-Lambertus (Liège-Saint-Lambert in het Frans), ga je in plaats van naar de benedenstad gewoon naar de bovenstad. Aan de achterzijde van het naburige gotische Paleis van de Prins-Bisschoppen (Palais des Princes-Évêques), waar de lokale rechtbank zit, zie de parkeerplaats van de politie, het Centre Culturel Barricade en een trap naar boven. Die neem je.

Bovenaan de trap zie je wat toffe street-art van onder andere een man met keffiyeh (of arafatsjaal). Je bent er ineens in een heel andere omgeving met vakwerkhuizen met op de begane grond interessante bedrijvigheid: er is boekhandel Librarie Entretemps, Centre Culturel Barricade en Casa Nicaragua. Het laatstgenoemde organiseert feesten en ondersteunt inheemse gemeenschappen in het Centraal-Amerikaanse land.

Tekst gaat verder onder foto’s.

Luik (foto: Jochem Oomen)
Luik (foto: Jochem Oomen)

Uitzichtpunten over het Maasdal

Je volgt verder deze Rue Pierreuse totdat je naar rechts kan gaan. Op de splitsing zie je een straatje, Au Pêrì genoemd, dat uit treden bestaat. Die je gaan in. Vanaf hier gaat het stijl omhoog. Af en toe kom je wat toffe doodlopende steegjes of impasses tegen. Ondertussen passeer je ook de straat Montagne de Bueren, die je deze keer van boven zult zien. Met bijbehorend tof uitzicht.

Je volgt de straat tot aan het Monument de la 14ème Régiment de Ligne. Direct aan het beeld ga je nog eens een trap op. Je bent er direct aan de Citadel van Luik, die je vanuit de wijde omgeving kan zien. Daarna ga je naar rechts, de Boulevard du 12ème de Ligne naar het Belvédère de Liège. Dit is een beroemd uitzichtpunt waar je wellicht niet de enige toerist bent. Je kan hier immers zien hoe immens deze stad is: het Maasdal is bebouwd zover het oog rijkt. Op het moment van schrijven had de gemeente Luik slechts 200 000 inwoners, maar met banlieue erbij telt dit stedelijk gebied tegenwoordig maar liefst 700 000 zielen.

Tekst gaat verder onder foto’s. 

Luik (foto: Jochem Oomen)
Luik (foto: Jochem Oomen)

Bos met Middeleeuwse stadsomwalling

Aan dit observatieplatform kun je direct naar beneden gaan. Ineens sta je tussen de groene terrassen boven de volkswijk Saint-Léonard. Je kan blijkbaar via de terrassen naar beneden gaan, maar even interessant is de omweg via het Bois des Carmélites. Je staat er ineens in een bos midden in de stad. Je hoort er zowel fluitende vogels als voorbijrijdende treinen.

Wat me wel verbaasde was hier de aanwezigheid van een Middeleeuwse stadsomwalling, die grotendeels overwoekerd is door klimop. Zigzaggend kun je naar beneden gaan, tot aan de spoorweg Luik-Hasselt en de Place Saint-Léonard.

Tekst gaat verder onder foto’s. 

Luik (Foto: Jochem Oomen)
Luik (foto: Jochem Oomen)
Luik (foto: Jochem Oomen)

Spookmetro-ingang

Blijkbaar heeft het einde van het wandelpad ook historische waarde: hier werd eeuwen geleden wijn verbouwd en tot in de vorige eeuw was hier ook een treinstation. De Place Saint-Léonard functioneert ook als een park voor de locals. Dit is een volkswijk waar niet iedere inwoner het even gemakkelijk heeft in het leven. Op het moment van schrijven bivakkeerden er enkele dakloze mensen onder de luifels op het plein.

Toen ik dacht dat het met de verrassingen wel voorbij was, zag ik een serieuze attractie buiten de platgetreden paden: de ingang van de nooit gebruikte metrotunnel aan de Maasoever. Je vindt het aan de Quai Saint-Léonard, ter hoogte van Musée Grand Curtius. Je ziet niet meer dan een helling die naar beneden gaat. Deze komt abrupt aan zijn einde door een rolluik dat permanent gesloten is. Dit was serieus ooit bedoeld als een tunnel voor echte treinen. De metro is er nooit gekomen. Om de ruimte toch maar een functie te geven, gebruikte de lokale vervoersmaatschappij deze tunnel als een kerkhof voor oude stadsbussen. Deze staan er ook niet meer in.

Tekst gaat verder onder foto’s. 

Luik (foto: Jochem Oomen)
Luik (foto: Jochem Oomen)

Tram en Middeleeuws steegje

Binnen enkele jaren zal je hier wel een tram bovengronds zien rijden, want de gemeente is hard aan het werk om een tramlijn aan te leggen die de verschillende stadsdelen in het Maasdal met elkaar gaat verbinden.

Naast het rode bovengenoemde museum begint nog een toffe straat: de Rue du Mont Piété. Halverwege het steegje kun je nog een vakwerkhuis zien als je naar boven kijkt. De historische wijken rond het centrum liggen hier vol mee. Ook aan de overkant van de rivier, in de wijk Outremeuse, bijvoorbeeld.

Luik (foto: Jochem Oomen)

Massatoerisme en multiculturele markt

Als je via de Rue Hors-Château teruggaat naar de Place Saint-Lambert, kom je de Montagne de Bueren nog een keer tegen. En daar ervaren wat het effect van massatoerisme is. Op de trappen staat in verschillende talen geschreven dat je er niet te veel lawaai moet maken omdat er ook mensen aan de trap wonen. Toeristisch of niet, toch blijft deze straat een unicum in België dat nog altijd meer dan een bezoek waard is.

Eventueel kun je nog een omweg maken via de kaai La Batte, waarop zondagochtend de fijne markt Marché de la Batte is. Dit is een begrip in België: een grote multiculturele markt zoals de Zuidmarkt in Brussel of de Vreemdelingenmarkt (heet echt zo in de volksmond) in Antwerpen.

Eenmaal terug in het centrum kun je vanaf de Place Saint-Lambert je reis verder zetten of van het leven genieten in de talloze barretjes van uitgaanswijk Le Carré.

Hoe kom je er?

Per trein: de meeste intercitytreinen en internationale treinen (ook Thalys en ICE) stoppen in station Luik-Guillemins. Hier kun je overstappen op een lokale trein die je naar het station Luik-Sint-Lambertus brengt. Ook stoppen op dit station bepaalde intercitytreinen vanuit verschillende hoeken van het land. Check de routeplanner van spoorwegmaatschappij NMBS.

Per auto: in navolging van andere grote Europese steden wordt ook deze binnenstad steeds meer op voetgangers ingericht. Ik raad aan om je een zoektocht naar een parkeerplaats te besparen en met het openbaar vervoer te komen.

Duur van deze wandeling

Als je bovenstaande route vlot aflegt, kun je het in twee uur doen. Neem je echter de tijd voor de dingen en wil je onderweg nog van alles doen, trek er dan gerust maar een halve dag voor uit.

Opgelet: het pad door het Bois des Carmélites kan behoorlijk glad zijn bij neerslag.

Overnachten in Luik

Persoonlijk heb ik meermaals overnacht in Auberge de Jeunesse Georges Simenon. Dit is echt een goede accommodatie met ontbijt voor een lage prijs. Voor mij verreweg de beste overnachtingsdeal van Noordwest-Europa. Zij organiseren activiteiten, beschikken over een bar met lokale bieren en je kan er ook dineren. Dit hostel ligt in de buurt Outremeuse, waar je echt tussen de locals zit.

Disclaimer: dit artikel is geen samenwerking met bovengenoemde partijen, slechts puur enthousiasme van een fervent reiziger.

Brussel off the beaten track: Oudergem en Zoniënwoud

Brussel is een enorm bruisende stad, maar groen en rust is er ook genoeg te vinden. Zo kent de...

Borinage: plezier beleven in een mijnbouwstreek

Veel mensen komen over de E19 door de Borinage, maar stoppen doen ze er niet. Toch loont het zeker...

10 redenen waarom België zo’n geweldig land is

België, zo dichtbij, maar toch zo anders. In 2007 stak ik de grens over om mij hier te vestigen....

0 Comments

Submit a Comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *