Villers-la-Ville: zwerven langs bossen en ruïnes

mrt 29, 2021 | Belgium, Travel to

Villers-la-Ville (foto: Jochem Oomen)

Ik zal direct met de deur in huis vallen: onbekend is deze verborgen parel allerminst. Met mooi weer trekken veel inwoners van Brussel naar de ruïnes van de abdij van Villers-la-Ville. En daar hebben ze een hele goede reden voor: vlakbij de grote stad waan je je in een mooie vallei waar de ruïnes hoog oprijzen. Minder bekend zijn de bossen rondom het complex. Hier kun je urenlang zwerven over holle wegen. Villers-la-Ville, dat is weg van de snelweg en teruggaan in de tijd.

Wie per trein van Ottignies naar Charleroi rijdt, merkt halverwege iets niet-alledaags op: je rijdt er over een brug door de ruïnes van een oude abdij. Dit zijn restanten van een indrukwekkend complex dat gebruikt werd van pakweg de 12e tot de 18e eeuw. En de spoorlijn waar je overheen rijdt, maakte ooit deel uit van Le Grand Central Belge, die de industriegebieden van Charleroi met Frankrijk en Nederland moest verbinden.

 De ruïnes van Villers-la-Ville liggen in de gelijknamige gemeente, tussen de steden Brussel, Charleroi en Namen en op de provinciegrens van Waals-Brabant, Henegouwen en Namen. Centraler zou het welhaast niet kunnen liggen. Het ligt in de vallei van het riviertje de Thyle, een zijarm van de Dijle, in een lommerrijke vallei. Je ziet hier ook één van de eerste rotsformaties van Wallonië. Het abdijcomplex werd dan ook destijds opgetrokken uit het gesteente schist, wat ter plekke werd uitgehakt.

Tekst gaat verder onder foto’s.

Villers-la-Ville (foto: Jochem Oomen)
Villers-la-Ville (foto: Jochem Oomen)
Villers-la-Ville (foto: Jochem Oomen)

Kindvriendelijk: klimmen en klauteren

De meeste resten van de gebouwen van de abdij hebben een donkergrijze kleur. Vaak zijn het enkel nog de muren die overeind staan. Soms is er ook een dak aanwezig. Het toffe aan deze plek is dat het eigenlijk een groot park is, waarin je rond kan dolen tussen de Middeleeuwse en latere gebouwen. Je kan ook op veel dingen klimmen en klauteren, ideaal dus voor mensen met kinderen.

Het geheel wordt omheind door een oude abdijmuur, hier word je geacht niet op te klimmen. Toch zie ik dat een bezoeker hier anders over denkt. Zonder na te denken klimt hij de vier meter hoge muur op, om er vervolgens achter te komen dat hij er niet meer af kan. Enkele behulpzame voorbijgangers helpen hem om terug naar beneden te komen. Op het domein zelf liggen ook een drietal heuvels, waar je een super uitzicht hebt over het terrein. Soms zijn delen niet toegankelijk vanwege valgevaar.

Villers-la-Ville (foto: Jochem Oomen)
Villers-la-Ville (foto: Jochem Oomen)

Oudste bouwmarkt van België

Hier heb je overzicht over de verschillende gebouwen, zoals de abdijkerk en de bakkerij, of wat daarvan is overgebleven. Van de 12e tot de 14e eeuw was dit een plek van groot cultureel belang omwille van een omvangrijke religieuze bibliotheek. In de eeuwen, die daarop volgden, begon eigenlijk al het verval: zo werd een deel van het terrein verwoest door Spaanse plunderende troepen. De finale klap werd bezorgd door Franse troepen in 1796: zij verdreven alle kloosterlingen.

En zo bleef er een gebied vol resten van gebouwen over. Begin 18e eeuw zat hier zelfs een steenhandelaar, waardoor de abdij van Villers-la-Ville beschouwd zou kunnen worden als de eerste Brico (een Belgische bouwmarkt). Later werd spoorlijn Le Grand Central Belge over het terrein aangelegd. Zo kwam de abdij terug in de belangstelling te staan. De staat, die het terrein opkocht, renoveerde de ruïnes zelfs voor toeristische doeleinden.

Tekst gaat verder onder foto’s.

Villers-la-Ville (foto: Jochem Oomen)
Villers-la-Ville (foto: Jochem Oomen)

Off the beaten track over holle wegen

En dat laatste is goed gelukt, want op mooie weekend- en feestdagen zie je hier heel veel lokaal toerisme. Wat het nog steeds een beetje off the beaten track maakt: veel buitenlandse toeristen kom je hier niet tegen, want die beperken zich in België vaak tot de kunststeden, de kust en de Ardennen.

Maar zo druk als het op het domein zelf kan zijn, zo rustig is het er rondom. Toen ik op een mooie zondag in maart het domein verliet, kwam ik eigenlijk geen toerist meer tegen. En dat vond ik eigenlijk nog verrassender als het abdijterrein zelf.

Tekst gaat verder onder foto’s.

Villers-la-Ville (foto: Jochem Oomen)
Villers-la-Ville (foto: Jochem Oomen)
Villers-la-Ville (foto: Jochem Oomen)

Herinneringen aan Le Grand Central Belge

Rond de abdij, in de bossen en langs de velden, lopen verschillende holle wegen of karrensporen, zoals de Rue des Quatre Chênes. Vervolgens kun je bij de Chapelle Sainte Apolline het chemin 5 nemen, die langs enkele bijzondere bomen voert. Dit laatste is een echte holle weg: zeer stijl met eeuwenoude bomen die kraken in de wind. Eenmaal beneden ben je terug in het centrum van het dorp.

Veel vertier is er in het dorpscentrum niet, maar hier zijn nog wel enkele oude Belgische kasseienstraten. Zoals je ze tot in de jaren ’90 in het hele land nog tegenkwam. Verder heb je rond de spoorlijn nog enkele villaatjes die dateren uit de glorietijd van spoorlijn Le Grand Central Belge. Deze laatste wordt tegen 2023 geüpgraded tot intercityspoorlijn om het naburige Brussels South Charleroi Airport van treinreizigers te kunnen voorzien via het station van Fleurus. En zo zal de snelle trein opnieuw terugkomen in deze vallei, maar stoppen zal deze er niet. Het stoptreintreintje dat Villers aandoet, zou wel qua frequentie verhoogd worden.

Villers-la-Ville (foto: Jochem Oomen)

Praktische dingen

Hoe kom je er? Vanuit Brussel neem je een trein naar Ottignies, waar je over kan stappen op de L-trein naar Charleroi en Namen. Deze brengt je tot in Villers-la-Ville. Vanaf het station is het een twintigtal minuten stappen naar de abdij, de holle wegen en de bossen. Opgelet: de L-trein stopt doordeweeks eenmaal per uur in Villers, in het weekend en op feestdagen maar eens in de twee uur.

Wanneer bezoeken? In het weekend kan het hier heel druk zijn, op weekdagen is het vaak veel rustiger. 

Goed om te weten: de oude wegen rond de abdij zijn privégebied. Hier mag je dus niet van de paden gaan.

Nog meer doen: na je bezoek aan de abdij kun je ook door de bossen wandelen naar station La Roche (Brabant). Plan gerust een hele dag in voor deze uitstap. En niet onbelangrijk: Google Maps geeft niet alle wandelpaden aan, de app Maps.me is voor deze regio betrouwbaarder.

 Link: https://villers.be/nl

Brussel off the beaten track: Oudergem en Zoniënwoud

Brussel is een enorm bruisende stad, maar groen en rust is er ook genoeg te vinden. Zo kent de...

Borinage: plezier beleven in een mijnbouwstreek

Veel mensen komen over de E19 door de Borinage, maar stoppen doen ze er niet. Toch loont het zeker...

10 redenen waarom België zo’n geweldig land is

België, zo dichtbij, maar toch zo anders. In 2007 stak ik de grens over om mij hier te vestigen....

0 Comments

Submit a Comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *